3. Wise enough te play the fool

Vroeger was ik gek. Ik moest behandeld worden, want ik maakte mensen bang. In de geschiedenis van mijn familie zijn meer mensen gek; sommigen gingen er zelfs aan dood. Het was duidelijk dat er wat gedaan moest worden. 

Anderen namen de regie over. Ik werd gestraft en moest gehoorzamen. Pas als je weer normaal bent laten we je los. Wees geen gek, wees slim. 

Het was een masterclass maskeren: ik speelde eerst de genezende en later de genezen patiënt die het allemaal op orde had. Ik werd normaal verklaard. Ik werd de slimme partner, de snelle denker, de strakke professional en de overtuigende spreker. Ik speelde het spel.

Een aantal keer ging het stuk. Geen masker paste meer meer, het knarste en kraakte. Dan rustte ik uit (Je werkt ook zo hard!) en kwam ik sterker terug. Hoge hakken, grote bek.

Alleen alleen kon ik mezelf zijn. Dan hield ik van lego en plastic Schleich dieren. Dan verdiepte ik me eindeloos in nerdy onderwerpen, maar zonder er teveel over te zeggen. Dan droeg ik zachte kleren en bleef ik lekker binnen. Dan was er rust. 

Gelukkig riep mijn echte zelf op een gegeven moment op tot revolutie. De twee gezichten waren niet langer verenigbaar. Die neppe moest eruit. De dictator van het normatieve normale, het lege, het harde, de buitenkant werd vakkundig om zeep gebracht. Dat was een pijnlijk jaar.

Eindelijk was ik slim genoeg om de gek te zijn: hallo nerd-heid, hallo vele tattoos, hallo extreme kosmos- en korstmos-liefde. Hallo kwetsbaarheid, hallo lekkere zware deken. Het is fijn: ik werd een slimmere partner, betere denker, aardiger professional en veel fijnere spreker. En het mooiste: hallo mijn lief, dit ben ik. Maar nu echt. 

Eindelijk Wise enough to play be the fool.

“This fellow is wise enough to play the fool;
And to do that well craves a kind of wit:
He must observe their mood on whom he jests,
The quality of persons, and the time,
And, like the haggard, check at every feather
That comes before his eye. This is a practise
As full of labour as a wise man’s art
For folly that he wisely shows is fit;
But wise men, folly-fall’n, quite taint their wit.”

Twelfth Night, William Shakespeare


Geplaatst

Door